**1.** De Ministers bevorderen dat de bevoegde organen van aan elkaar grenzende provincies als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Overeenkomst elkaar en de Ministers kennis geven van adressen, telefoon-, telex- en telefaxnummers die dienen te worden gebruikt in het kader van de uitvoering van de Overeenkomst en deze Aanvullende Overeenkomst.
**2.** De Ministers bevorderen dat de bevoegde organen, bedoeld in het eerste lid, elkaar en de Ministers kennis geven van de soorten eenheden die zijn opgeleid en uitgerust voor het bestrijden van rampen en ter bijstand kunnen worden ingezet alsmede van hun omvang en uitrusting.
**3.** De Ministers bevorderen dat overigens tussen de bevoegde organen, bedoeld in het eerste lid, afspraken tot stand worden gebracht inzake de uitvoering van de bijstandsverlening en te hunner kennis worden gebracht.
**4.** Afspraken tussen de bevoegde organen, bedoeld in het eerste lid, mogen niet in strijd zijn met de Overeenkomst, deze Aanvullende Overeenkomst en hetgeen in het nationale recht van beide landen daartoe is bepaald.
HOOFDSTUK 3
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Eerste Aanvullende Overeenkomst ter uitvoering van de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België inzake wederzijdse bijstandsverlening bij het bestrijden van rampen en ongevallen· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 5 februari 1990