**(1).** Elke Overeenkomstsluitende Partij verleent aan de andere Overeenkomstsluitende Partij de volgende rechten met betrekking tot haar geregelde internationale luchtdiensten:
het recht over haar grondgebied te vliegen zonder te landen; en
het recht op haar grondgebied te landen anders dan voor verkeersdoeleinden.
**(2).** Elke Overeenkomstsluitende Partij verleent aan de andere Overeenkomstsluitende Partij de in deze Overeenkomst omschreven rechten voor het instellen van geregelde internationale luchtdiensten op de omschreven routes.
**(3).** Een overeenkomstig artikel 3 van deze Overeenkomst aangewezen en gemachtigde luchtvaartmaatschappij heeft, naast de in het eerste lid van dit artikel omschreven rechten, het recht om, bij de exploitatie van een overeengekomen dienst op een omschreven route, op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij te landen op de voor die route in de tabel bij deze Overeenkomst omschreven punten voor het opnemen en afzetten van passagiers, bagage, vracht en post, afzonderlijk of gecombineerd, en vervoerd tegen vergoeding of beloning.
**(4).** Niets van het in het derde lid van dit artikel bepaalde wordt geacht een aangewezen luchtvaartmaatschappij van de ene Overeenkomstsluitende Partij het recht te geven tot het opnemen op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij van passagiers, vracht en post, afzonderlijk of gecombineerd, vervoerd tegen vergoeding of beloning, en bestemd voor een ander punt op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij.
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Malta inzake luchtdiensten tussen en via hun onderscheiden grondgebieden· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 3 juni 1986