Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Artikel 6

Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Koninkrijk Bhutan inzake de tewerkstelling van ontwikkelingswerkers· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 7 november 1990

De Regering van het Koninkrijk Bhutan: verleent de ontwikkelingswerkers vrijstelling van invoer- en douanerechten op nieuwe of gebruikte huishoudelijke goederen en persoonlijke bezittingen, alsmede op beroepsuitrusting, ingevoerd in Bhutan binnen zes maanden na hun aankomst of die van hun gezinsleden, mits deze goederen weer uit Bhutan worden uitgevoerd op het tijdstip van vertrek of binnen een door de Regering van het Koninkrijk Bhutan goedgekeurde termijn; verleent vrijstelling van alle in- en uitvoerrechten en andere officiële heffingen op de uitrusting (inclusief alle soorten motorvoertuigen) en andere goederen die verstrekt zijn door de Nederlandse Regering of de SNV en die zijn bestemd voor de uitvoering van de overeengekomen projecten; verleent vrijstelling van alle belastingen en andere fiscale heffingen op alle door de ontwikkelingswerkers uit Nederlandse bron te ontvangen of aan hen vanuit het buitenland over te maken emolumenten als betaling voor hun diensten; treft maatregelen voor belastingvrije invoer of aankoop uit entrepot van één motorvoertuig door de ontwikkelingwerker binnen zes maanden na de eerste aankomst in Bhutan, met dien verstande dat over een dergelijk voertuig, indien verkocht aan een persoon die niet dezelfde voorrechten geniet, een passende invoerbelasting moet worden betaald gebaseerd op de geschatte waarde van het voertuig op het tijdstip van verkoop; verleent de ontwikkelingswerkers inzake al hun uit Nederland afkomstige inkomsten de gunstigste wisselfaciliteiten die gelden voor niet-ingezetenen; verschaft de ontwikkelingswerkers kosteloos arbeids- en verblijfsvergunningen, indien en wanneer vereist, alsmede identiteitspapieren welke bij de uitvoering van hun taken de volledige steun waarborgen van de desbetreffende autoriteiten van Bhutan; verleent de ontwikkelingswerkers en hun gezinnen toestemming te allen tijde het land binnen te komen of te verlaten, waarbij zij zich uitsluitend behoeven te onderwerpen aan de toepasselijke immigratiewetten van Bhutan, en biedt hen in tijden van nationale of internationale crises de repatriëringsfaciliteiten die onder de omstandigheden redelijk kunnen worden geacht; verleent de ontwikkelingswerkers vrijstelling van de betaling van leges en andere heffingen met betrekking tot visa, immigratie en persoonlijke registratie; stelt de ontwikkelingswerkers en hun gezinsleden vrij van nationale dienstplicht; waart de ontwikkelingswerkers van rechtsvervolging op grond van enig handelen en enig gesproken of geschreven woord in hun officiële hoedanigheid. de voorgaande bepalingen van dit artikel zijn eveneens van toepassing op ontwikkelingswerkers die na afloop van hun eerste dienstverband een nieuw dienstverband aangaan.

Rechtspraak bij dit artikel