Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Artikel 13

Onderdeel van Verdrag tot bestrijding van wederrechtelijke gedragingen gericht tegen de veiligheid van de zeevaart· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 3 juni 1992

1. De Staten-Partijen werken samen ter voorkoming van de in artikel 3 genoemde strafbare feiten, met name door: alle uitvoerbare maatregelen te nemen ter voorkoming van voorbereidingen op hun onderscheiden grondgebied die zijn gericht op het plegen, al dan niet op hun grondgebied, van de bedoelde strafbare feiten; in overeenstemming met hun nationale wetgeving gegevens uit te wisselen, en bestuurlijke en andere maatregelen die passend worden geacht ter voorkoming van de in artikel 3 genoemde strafbare feiten te coördineren. 2. Wanneer ten gevolge van het plegen van een strafbaar feit zoals bedoeld in artikel 3 de doorvaart van een schip is vertraagd of onderbroken, dient de Staat-Partij op het grondgebied waarvan het schip, de passagiers of de bemanningsleden zich bevinden, alle mogelijke inspanningen te doen om te vermijden dat het schip, zijn passagiers, bemanningsleden of lading onnodig worden opgehouden of vertraagd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel