Naar hoofdinhoud

Artikel X

Vrijstelling van douanerechten en uitlading van boorduitrustingsstukken

Onderdeel van Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek Zimbabwe inzake luchtdiensten tussen en via hun onderscheiden grondgebieden· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 18 februari 1999

1. Luchtvaartuigen die door de door een der Overeenkomstsluitende Partijen aangewezen luchtvaartmaatschappijen op internationale luchtdiensten worden gebruikt, alsmede de zich aan boord daarvan bevindende normale uitrustingsstukken, reservedelen, voorraden motorbrandstof en smeermiddelen en andere voorraden (met inbegrip van etenswaren, dranken en tabaksartikelen) zijn bij binnenkomst op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij vrijgesteld van alle douanerechten, inspectiekosten en andere soortgelijke heffingen, op voorwaarde dat deze uitrustingsstukken en voorraden aan boord van het luchtvaartuig blijven totdat zij weer worden uitgevoerd. 2. Voorraden brandstof, smeermiddelen, reservedelen, normale uitrustingsstukken en andere voorraden aan boord van het luchtvaartuig, ingevoerd op het grondgebied van de ene Overeenkomstsluitende Partij door of namens een aangewezen luchtvaartmaatschappij van de andere Overeenkomstsluitende Partij of aan boord genomen van het luchtvaartuig dat door zulk een aangewezen luchtvaartmaatschappij wordt geëxploiteerd en uitsluitend bestemd voor gebruik tijdens de exploitatie van internationale luchtdiensten, zijn vrijgesteld van alle rechten en heffingen, met inbegrip van douanerechten en inspectiekosten, opgelegd op het grondgebied van de eerstgenoemde Overeenkomstsluitende Partij, zelfs indien deze voorraden worden gebruikt op delen van de vlucht, uitgevoerd boven het grondgebied van de Overeenkomstsluitende Partij, waar zij aan boord zijn genomen. De hierboven bedoelde goederen kunnen op verzoek onder toezicht of controle van de douane worden gehouden. 3. De normale boorduitrustingsstukken, reservedelen, voorraden motorbrandstof en smeermiddelen en andere voorraden, die zich aan boord bevinden van de luchtvaartuigen van een der Overeenkomstsluitende Partijen, kunnen op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij slechts worden uitgeladen met toestemming van de douaneautoriteiten van die Partij, die kunnen verlangen dat deze goederen onder hun toezicht worden geplaatst tot het tijdstip waarop zij weer worden uitgevoerd of overeenkomstig de douanevoorschriften een andere bestemming hebben gekregen.

Rechtspraak bij dit artikel