**1.** Voor het toezicht op het behoorlijk onderhoud wordt een schouwcommissie ingesteld bestaande uit twee vertegenwoordigers van het Unterhaltungsverband en twee vertegenwoordigers van het waterschap.
Het voorzitterschap wordt jaarlijks afwisselend gevoerd door een vertegenwoordiger van de Duitse en de Nederlandse partij, te beginnen met de eerstgenoemde. De toezichthoudende instanties dienen te worden uitgenodigd.
**2.** Voor de werkzaamheden van de schouwcommissie gelden de relevante bepalingen van de permanente Nederlands-Duitse grenswaterencommissie, voorzover deze van toepassing zijn op de door deze commissie ingestelde subcommissies.
**3.** De schouwcommissie schouwt de wateren minstens eenmaal per jaar, in de herfst. Voor het vaststellen van de oorzaken van gebrekkige afvoer kan de commissie de schouw ook uitbreiden tot de aansluitende watergangen.
**4.** De schouwcommissie komt ten minste eenmaal per jaar, na beëindiging van de herfstschouw, voor een vergadering bijeen.
**5.** De uitnodigingen voor een vergadering of een schouw dienen uit te gaan binnen een termijn van minstens twee en hoogstens vier weken.
**6.** De schouwcommissie besluit bij meerderheid van stemmen.
**7.** De schouwcommissie maakt van iedere schouw of vergadering een verslag. In het schouwverslag dienen de te treffen maatregelen en, indien nodig, de aan te houden termijnen, met betrekking tot het opnieuw brengen in een behoorlijke staat van onderhoud, vermeld te worden. De partijen, de toezichthoudende instanties en de leden van de schouwcommissie ontvangen een exemplaar van dit verslag.
**8.** De commissieleden zijn bevoegd op ieder ogenblik de in artikel 1 genoemde watergangen te bezichtigen.
**9.** De partijen verplichten zich elkaar behulpzaam te zijn bij het verkrijgen van de vereiste grensdocumenten voor de commissieleden en de toegevoegde deskundigen.
Artikel 5
Artikel 5
Onderdeel van Overeenkomst inzake het onderhoud van het Schoonebeekerdiep/Grenzaa en de Nieuwe Sloot/Grenzschloot, alsmede het onderhoud en het beheer van werken in en langs deze watergangen· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 24 november 1983