**1.** De Raad van Bewind bestaat uit drieëntwintig (23) leden die geen lid zijn van de Raad van Gouverneurs en van wie er:
elf (11) worden gekozen door de Gouverneurs die België, Denemarken, Frankrijk, de Bondsrepubliek Duitsland, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Portugal, Spanje, het Verenigd Koninkrijk, de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Investeringsbank vertegenwoordigen; en
twaalf (12) worden gekozen door de Gouverneurs die andere leden vertegenwoordigen, onder wie
vier (4) door de Gouverneurs die de landen genoemd in Bijlage A als Midden- en Oosteuropese landen die in aanmerking komen voor bijstand van de Bank vertegewoordigen;
vier (4) door de Gouverneurs die de landen genoemd in Bijlage A als andere Europese landen vertegenwoordigen;
vier (4) door de Gouverneurs die de landen genoemd in Bijlage A als niet-Europese landen vertegenwoordigen.
Bewindvoerders, alsmede vertegenwoordigende leden van wie de Gouverneurs hen nebben gekozen, kunnen ook leden vertegenwoordigen die hun stemrecht aan hen overgedragen.
**2.** Bewindvoerders dienen personen te zijn die in hoge mate competent zijn in economische en financiële zaken; zij worden gekozen in overeenstemming met het bepaalde in Bijlage B.
**3.** De Raad van Gouverneurs kan de omvang van de Raad van Bewind vergroten of verkleinen, of de samenstelling daarvan herzien, ten einde rekening te houden met wijzigingen in het aantal leden van de Bank, indien daartoe wordt besloten met een meerderheid van ten minste twee derde van de Gouverneurs die ten minste drie vierde van het totale aantal stemmen van de leden vertegenwoordigen. Zonder afbreuk te doen aan de uitoefening van deze bevoegdheden bij latere verkiezingen, dienen het aantal en de samenstelling van de Raad van Bewind te zijn zoals uiteengezet in het eerste lid van dit artikel.
**4.** Elke Bewindvoerder wijst een plaatsvervanger aan met de volledige bevoegdheid voor hem op te treden wanneer hij niet aanwezig is. Bewindvoerders en plaatsvervangers dienen onderdanen van lidstaten te zijn. Een lid mag niet worden vertegenwoordigd door meer dan één Bewindvoerder. Een plaatsvervanger mag deelnemen aan de vergaderingen van het College, doch mag alleen zijn stem uitbrengen wanneer hij optreedt in de plaats van zijn principaal.
**5.** Bewindvoerders oefenen hun functie uit gedurende een tijdvak van drie (3) jaar en kunnen worden herkozen, met dien verstande dat de eerste Raad van Bewind moet worden gekozen door de Raad van Gouverneurs tijdens zijn oprichtingsvergadering, en zij blijven in functie tot de eerstkomende onmiddellijk daaropvolgende jaarvergadering van de Raad van Gouverneurs of, indien de Raad daartoe besluit op die jaarvergadering, tot de eerstvolgende jaarvergadering daarna. Zij blijven in functie totdat hun opvolger is gekozen en zijn functie heeft aanvaard. Indien de functie van een Bewindvoerder meer dan honderdtachtig (180) dagen voor het einde van zijn ambtsperiode openvalt, wordt in overeenstemming met het bepaalde in Bijlage B voor het resterende deel van de ambtsperiode een opvolger gekozen door de Gouverneurs die de vorige Bewindvoerder hebben gekozen. Voor deze verkiezing is een meerderheid van de door deze Gouverneurs uitgebrachte stemmen vereist. Indien de functie van een Bewindvoerder honderdtachtig (180) dagen of minder voor het einde van zijn ambtsperiode openvalt, kan op gelijke wijze voor het resterende deel van de ambtsperiode een opvolger worden gekozen door de Gouverneurs die de vorige Bewindvoerder hebben gekozen, voor welke verkiezing een meerderheid van de door deze Gouverneurs uitgebrachte stemmen is vereist. Zolang de functie onvervuld blijft, oefent de plaatsvervanger van de vorige Bewindvoerder de rechten van laatstgenoemde uit, met uitzondering van het recht een plaatsvervanger te benoemen.
HOOFDSTUK VI
Artikel 26
Raad van Bewind: samenstelling
Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 28 maart 1991