Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK VII

Artikel 38

Schorsing van het lidmaatschap

Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 28 maart 1991

1. Indien een lid zijn verplichtingen tegenover de Bank niet nakomt, kan de Bank zijn lidmaatschap schorsen bij een besluit genomen met een meerderheid van ten minste twee derde van de Gouverneurs die ten minste twee derde van het totale aantal stemmen van de leden vertegenwoordigen. Een aldus geschorst lid houdt een jaar na zijn schorsing automatisch op lid te zijn, tenzij met ten minste dezelfde meerderheid wordt besloten het lid in ere te herstellen. 2. Zolang de schorsing duurt, is een lid niet bevoegd enig recht ingevolge deze Overeenkomst uit te oefenen, met uitzondering van het recht van opzegging, doch blijfthet gebonden aan al zijn verplichtingen.

Rechtspraak bij dit artikel