Het Hof bezit internationale rechtspersoonlijkheid in overeenstemming met artikel 4, eerste lid, van het Statuut en bezit de handelingsbevoegdheid die benodigd is voor de uitoefening van zijn taken en verwezenlijking van zijn doelstellingen. Het Hof heeft met name de bevoegdheid overeenkomsten te sluiten, roerende en onroerende zaken te verwerven en te vervreemden en in rechte op te treden.
HOOFDSTUK II
Artikel 3
Juridische status en rechtspersoonlijkheid van het Hof
Onderdeel van Zetelverdrag tussen het Internationaal Strafhof en het Gastland· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 maart 2008