Voor de toepassing van dit Verdrag zijn de volgende autoriteiten bevoegd tot het geven van beslissingen in zaken betreffende onderhoud:
de autoriteiten van de Staat, op wiens gebied de onderhoudsplichtige ten tijde van het aanhangig maken van de zaak zijn gewone verblijfplaats had;
de autoriteiten van de Staat, op wiens gebied de onderhoudsgerechtigde ten tijde van het aanhangig maken van de zaak zijn gewone verblijfplaats had;
de autoriteit, welker bevoegdheid de onderhoudsplichtige hetzij uitdrukkelijk, hetzij door op de zaak zelf in te gaan, heeft erkend zonder een voorbehoud te maken ten aanzien van diens bevoegdheid.
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Verdrag nopens de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen over onderhoudsverplichtingen jegens kinderen· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht
Deze tekst geldt sinds 28 april 1964