Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II

Artikel II.1

Artikel II.1

Onderdeel van Verdrag inzake de erkenning van getuigschriften betreffende hoger onderwijs in de Europese regio· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 mei 2008

1. Wanneer de centrale autoriteiten van een Partij bevoegd zijn tot het nemen van beslissingen op het gebied van erkenning, is deze Partij onmiddellijk gebonden door de bepalingen van dit Verdrag en treft zij de noodzakelijke maatregelen ten einde de uitvoering van de bepalingen ervan op haar grondgebied te verzekeren. Wanneer de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen op het gebied van erkenning ligt bij entiteiten van de Partij, doet de Partij één der depositarissen een korte schriftelijke verklaring toekomen omtrent haar constitutionele situatie of structuur ten tijde van de ondertekening of bij de nederlegging van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding, of op enig tijdstip daarna. In zodanige gevallen treffen de bevoegde autoriteiten van de entiteiten van de betrokken Partijen de noodzakelijke maatregelen ten einde te zorgen voor de uitvoering van de bepalingen van dit Verdrag op hun grondgebied. 2. Wanneer de bevoegdheid tot het nemen van beslissingen op het gebied van erkenning ligt bij individuele instellingen voor hoger onderwijs of andere entiteiten, geeft iedere Partij, in overeenstemming met haar constitutionele situatie of structuur, de tekst van dit Verdrag door aan deze instellingen of entiteiten en treft zij alle mogelijke maatregelen ten einde te stimuleren dat de bepalingen daarvan welwillend in overweging worden genomen en toegepast. 3. Het bepaalde in het eerste en tweede lid van dit artikel zijnmutatis mutandis van toepassing op de verplichtingen van de Partijen uit hoofde van verdere artikelen van dit Verdrag.mutatis mutandis van toepassing op de verplichtingen van de Partijen uit hoofde van verdere artikelen van dit Verdrag.

Rechtspraak bij dit artikel