Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK I

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Belgie inzake de Nederlandse Taalunie· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 1 april 1982

De Hoge Verdragsluitende Partijen besluiten tot: de oprichting en de instandhouding van gemeenschappelijke instellingen voor de verwezenlijking van doelstellingen en maatregelen die in dit Verdrag zijn overeengekomen; het gemeenschappelijk bepalen van de officiële spelling en spraakkunst van de Nederlandse taal; het gemeenschappelijk bepalen van een gelijke terminologie ten behoeve van wetgeving en officiële publikaties; het voeren van een gemeenschappelijk beleid met betrekking tot particuliere initiatieven op het gebied van woordenboeken, woordenlijsten en grammatica's; het gemeenschappelijk bepalen van de toetsstenen voor het behalen van het „Getuigschrift Nederlands als Vreemde Taal" en het gezamenlijk toekennen van het Getuigschrift; het voeren van een gemeenschappelijk beleid met betrekking tot de Nederlandse taal en letteren in internationaal verband, in het bijzonder in de Europese Gemeenschappen; het plegen van overleg, wanneer in hun betrekkingen tot derde landen of tot internationale instellingen of bijeenkomsten de belangen van de Nederlandse taal of de doelstellingen van dit Verdrag in het geding zijn.

Rechtspraak bij dit artikel