Naar hoofdinhoud

Artikel 9

Institutionele regelingen

Onderdeel van Protocol betreffende samenwerking ter bestrijding van olielozingen in het Caraïbisch gebied· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 11 oktober 1986

De Verdragsluitende Partijen wijzen de Organisatie aan voor het verrichten, via het Regionale Coördinatiecentrum, zodra dit is ingesteld, en in nauwe samenwerking met de Internationale Maritieme Organisatie, van de volgende taken: het bijstaan van de Verdragsluitende Partijen, op hun verzoek, op de volgende terreinen: de opstelling, periodieke herziening en bijwerking van de in kel 3, tweede lid, bedoelde rampenplannen, ten einde, onder meer de onderlinge afstemming van de plannen van de Verdragsluitende Parjen te bevorderen, en het geven van bekendheid aan opleidingscursussen en -programma's; het bijstaan van de Verdragsluitende Partijen, op hun verzoek, op regionale basis, op de volgende terreinen: de coördinatie van regionale activiteiten tot optreden in noodgevallen, en het bieden van een forum voor bespreking van zulke activiteiten en aanverwante onderwerpen; het leggen en onderhouden van contacten met: bevoegde regionale en internationale organisaties, en in aanmerking komende particuliere lichamen die activiteiten in het Caraïbisch gebied verrichten, waaronder grote olieproducenten, beheerders van raffinaderijen, bedrijven en coöperaties die een gebied reinigen van uitgestroomde olie, en vervoerders van olie; het bijhouden van een actuele inventaris van de uitrusting, materialen en deskundigen die voor het optreden in noodgevallen in het Caraïbisch gebied beschikbaar zijn; het verspreiden van informatie inzake het voorkomen en bestrijden van olielozingen; het aanwijzen of in stand houden van communicatiemiddelen voor optreden in noodgevallen; het bevorderen van onderzoek door de Verdragsluitende Partijen, de internationale organisaties en in aanmerking komende particuliere lichamen, van met olielozingen samenhangende onderwerpen, met inbegrip van de milieu-effecten van olielozingen en van materialen en technieken voor de bestrijding van uitgestroomde olie; het bijstaan van de Verdragsluitende Partijen bij de uitwisseling van informatie ingevolge artikel 4; en het opstellen van verslagen en het verrichten van andere taken, haar opgedragen door de Verdragsluitende Partijen. Inwerkingtreding voorheen door Trb. 1986, 195 gesteld op 30 maart 1986.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel