De beide Regeringen moedigen de belanghebbende maatschappijen en organisaties van hun beide landen aan, het aanknopen te overwegen van betrekkingen op het gebied van wederzijdse samenwerking, daarbij in het oog houdend de behoeften en mogelijkheden die de beide landen hebben, alsmede de doelstellingen van deze Overeenkomst.
De beide Regeringen vergemakkelijken, binnen het kader van wat mogelijk is, de uitvoering van contracten en afspraken die uit de bovengenoemde betrekkingen op het gebied van wederzijdse samenwerking voortvloeien.
Artikel 2
Artikel 2
Onderdeel van Overeenkomst inzake economische en technische samenwerking tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Irak· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 september 1986