Naar hoofdinhoud

DEEL I

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van Verdrag betreffende veiligheid bij het gebruik van asbest· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 15 september 2000

Voor de toepassing van dit Verdrag: wordt onder de uitdrukking „asbest” verstaan: de vezelige vorm van minerale silicaten behorende tot steen-vormende mineralen van de serpentinegroep, d.w.z. chrysotiel (witte asbest) en de amphiboolgroep, d.w.z. actinoliet, amosiet (bruine asbest, cummingtoniet/gruneriet), anthophylliet, crocidoliet (blauwe asbest), tremoliet of een mengsel dat een of meer van deze bevat; wordt onder de uitdrukking „asbeststof” verstaan: in de lucht zwevende asbestdeeltjes of neergeslagen asbestdeeltjes die in het arbeidsmilieu kunnen gaan zweven; wordt onder de uitdrukking „zwevend asbeststof” verstaan: voor meetdoeleinden, stofdeeltjes die door gravimetrische bepaling of een andere gelijkwaardige methode zijn bepaald; wordt onder de uitdrukking „inadembare asbestvezels” verstaan: asbestvezels met een diameter van minder dan 3 µm en een verhouding lengte-tot-diameter van meer dan 3:1. Alleen vezels met een lengte van meer dan 5 µm dienen voor metingsdoeleinden in aanmerking te worden genomen; wordt onder de uitdrukking „blootstelling aan asbest” verstaan: het tijdens arbeid blootgesteld zijn aan zwevende inadembare asbestvezels of asbeststof, afkomstig van asbest of van mineralen, materialen of produkten die asbest bevatten; omvat de uitdrukking „werknemers” eveneens de deelnemers aan produktiecoöperaties; wordt onder de uitdrukking „werknemersvertegenwoordigers” verstaan: de vertegenwoordigers van de werknemers die als zodanig door de nationale wetgeving of praktijk zijn erkend in overeenstemming met het Verdrag betreffende de vertegenwoordigers van de werknemers, 1971.

Rechtspraak bij dit artikel