Naar hoofdinhoud

TITEL V › HOOFDSTUK IV

Artikel 61

Artikel 61

Onderdeel van Stabilisatie- en associatieovereenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en Bosnië en Herzegovina, anderzijds· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 1 juni 2015

1. Met betrekking tot verrichtingen op de kapitaalrekening en de financiële rekening van de betalingsbalans waarborgen de partijen vanaf de inwerkingtreding van deze overeenkomst het vrije verkeer van kapitaal dat verband houdt met directe investeringen in ondernemingen die volgens het recht van het gastland zijn opgericht, en investeringen in overeenstemming met hoofdstuk II van titel V, alsmede de liquidatie en repatriëring van die investeringen en van alle opbrengsten daarvan. 2. Met betrekking tot verrichtingen op de kapitaalrekening van de betalingsbalans waarborgen de partijen vanaf de inwerkingtreding van deze overeenkomst het vrije verkeer van kapitaal met betrekking tot kredieten die verband houden met handelstransacties of het verlenen van diensten waarbij een ingezetene van een der partijen betrokken is, alsmede met financiële leningen en kredieten met een looptijd van meer dan een jaar. 3. Vanaf de inwerkingtreding van deze overeenkomst staat Bosnië en Herzegovina, door volledige en snelle gebruikmaking van zijn bestaande voorschriften en procedures, de verwerving van onroerend goed in Bosnië en Herzegovina door onderdanen van de lidstaten toe. Binnen zes jaar na de inwerkingtreding van deze overeenkomst past Bosnië en Herzegovina zijn wetgeving inzake de verwerving van onroerend goed in Bosnië en Herzegovina door onderdanen van de lidstaten geleidelijk aan, zodat deze onderdanen dezelfde behandeling genieten als onderdanen van Bosnië en Herzegovina. De partijen waarborgen voorts vanaf het vijfde jaar na de inwerkingtreding van deze overeenkomst het vrije verkeer van kapitaal in verband met beleggingen en financiële leningen en kredieten met een looptijd van minder dan een jaar. 4. Onverminderd het bepaalde in lid 1 stellen de partijen geen nieuwe beperkingen in op het kapitaalverkeer en de lopende betalingen tussen ingezetenen van de Gemeenschap en van Bosnië en Herzegovina en brengen zij in de bestaande regelingen geen verdere restricties aan. 5. Onverminderd het bepaalde in artikel 60 en in dit artikel mogen de Gemeenschap en Bosnië en Herzegovina in uitzonderlijke gevallen, wanneer het kapitaalverkeer tussen de Gemeenschap en Bosnië en Herzegovina ernstige moeilijkheden veroorzaakt of dreigt te veroorzaken voor de werking van het wisselkoersbeleid of het monetaire beleid in de Gemeenschap of Bosnië en Herzegovina, vrijwaringsmaatregelen nemen ten aanzien van het kapitaalverkeer tussen de Gemeenschap en Bosnië en Herzegovina voor een periode van ten hoogste zes maanden, indien dergelijke maatregelen absoluut noodzakelijk zijn. 6. Geen van bovenstaande bepalingen mag worden uitgelegd als een beperking van het recht van de economische subjecten van de partijen op een gunstiger behandeling, waarin kan zijn voorzien in bestaande bilaterale of multilaterale overeenkomsten waarbij de partijen bij deze overeenkomst betrokken zijn. 7. De partijen plegen overleg teneinde het kapitaalverkeer tussen de Gemeenschap en Bosnië en Herzegovina te vergemakkelijken met het oog op de verwezenlijking van de doelstellingen van deze overeenkomst.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel