**1.** De geldigheid van een rechtshandeling, tot stand gekomen tussen een derde en een andere persoon die op grond van het recht van de Staat waar de rechtshandeling tot stand is gekomen bevoegd zou zijn als vertegenwoordiger van de volwassene op te treden, kan niet worden aangetast en de derde kan niet aansprakelijk worden gesteld op de enkele grond dat ingevolge het door de bepalingen van dit hoofdstuk aangewezen recht de ander niet bevoegd was als vertegenwoordiger van de volwassene op te treden, tenzij de derde wist of had moeten weten dat deze bevoegdheid door dit recht werd beheerst.
**2.** Het voorgaande lid is alleen van toepassing indien de rechtshandeling tot stand is gekomen tussen personen die zich op het grondgebied van eenzelfde Staat bevinden.
HOOFDSTUK III –
Artikel 17
Artikel 17
Onderdeel van Verdrag inzake de internationale bescherming van volwassenen· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht