**1.** De EG en elk van de overeenkomstsluitende Cariforumstaten hebben het recht de soort universeledienstverplichtingen vast te stellen die zij in stand wensen te houden.
**2.** Deze verplichtingen worden op zich niet concurrentieverstorend geacht, mits zij op transparante, objectieve en niet-discriminerende wijze worden uitgevoerd. De uitvoering van dergelijke verplichtingen is ook neutraal met betrekking tot de mededinging en niet belastender dan nodig is voor de soort universele dienst die door de EG en de overeenkomstsluitende Cariforum-staten wordt vastgesteld.
**3.** Alle leveranciers komen in aanmerking om de universele dienst te verzorgen. De aanwijzing geschiedt door middel van een efficiënt, transparant en niet-discriminerend mechanisme. Zo nodig beoordelen de EG en de overeenkomstsluitende Cariforum-staten of de universele dienst een oneerlijke belasting is voor de organisatie(s) die hiervoor is (zijn) aangewezen. Wanneer dit op grond van een dergelijke berekening gerechtvaardigd is, bepalen de nationale regelgevende instanties, rekening houdend met het eventuele marktvoordeel dat een organisatie geniet die de universele dienst verleent, of er een mechanisme nodig is om de betrokken leverancier(s) te compenseren of de nettokosten van de universeledienstverplichtingen te delen.
**4.** De EG en de ondertekenende Cariforum-staten zien erop toe dat:
er voor de eindgebruikers gidsen van de abonnees beschikbaar zijn in een door de nationale regelgevende instantie goedgekeurde vorm, gedrukt of elektronisch of beide, en dat die gids regelmatig en ten minste eenmaal per jaar wordt bijgewerkt;
organisaties die de onder a) bedoelde diensten verlenen, het beginsel van niet-discriminatie toepassen op de behandeling van informatie die zij van andere organisaties hebben gekregen.
DEEL II › TITEL II › HOOFDSTUK 5 › AFDELING 4
Artikel 100
Universele dienst
Onderdeel van Economische Partnerschapsovereenkomst tussen de CARIFORUM-staten, enerzijds, en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, anderzijds· Arbitrage