De EG en de overeenkomstsluitende Cariforum-staten erkennen dat de volgende personen en instanties gerechtigd zijn om toepassing van de in deze afdeling en in deel III van de TRIPs-overeenkomst bedoelde maatregelen, procedures en rechtsmiddelen te verzoeken:
houders van intellectuele-eigendomsrechten, in overeenstemming met de bepalingen van het toepasselijke recht;
alle andere personen die gemachtigd zijn deze rechten te gebruiken, in het bijzonder licentiehouders, voor zover toegestaan door en in overeenstemming met de bepalingen van het toepasselijke recht;
instanties voor het collectieve beheer van intellectuele-eigendomsrechten die officieel erkend zijn als gerechtigd tot het vertegenwoordigen van houders van intellectuele-eigendomsrechten, voor zover toegestaan door en in overeenstemming met de bepalingen van het toepasselijke recht;
organisaties voor de verdediging van beroepsbelangen, die officieel erkend zijn als gerechtigd tot het vertegenwoordigen van houders van intellectuele-eigendomsrechten, voor zover toegestaan door en in overeenstemming met de bepalingen van het toepasselijke recht.
DEEL II › TITEL IV › HOOFDSTUK 2 › AFDELING 2 › ONDERAFDELING 3
Artikel 152
Rechthebbenden
Onderdeel van Economische Partnerschapsovereenkomst tussen de CARIFORUM-staten, enerzijds, en de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, anderzijds· Arbitrage