Naar hoofdinhoud
1. Voordat een persoon wordt overgedragen, stellen de bevoegde autoriteiten van de verzoekende Overeenkomstsluitende Partij schriftelijk de bevoegde autoriteiten van de aangezochte Overeenkomstsluitende Partij in kennis van de datum en modaliteiten van de overdracht, alsmede van het eventuele gebruik van begeleiders. 2. Geen enkele wijze van vervoer, hetzij door de lucht, over land of over zee, is verboden doch, in de regel geschiedt de overdracht door de lucht. De overdracht per vliegtuig kan plaatsvinden met gebruikmaking van lijn- of chartervluchten. 3. Indien de overdracht over land geschiedt, is begeleiding door de Staat van doorreis in beginsel steeds gewenst wegens het ontbreken van iedere bevoegdheid van de begeleiders van de verzoekende Overeenkomstsluitende Partij.

Rechtspraak bij dit artikel