Naar hoofdinhoud

DEEL XI › AFDELING 2

Artikel 137

Juridische status van het Gebied en zijn rijkdommen

Onderdeel van Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee· Arbitrage

Deze tekst geldt sinds 28 juli 1996

1. Geen enkele Staat mag aanspraak maken op soevereiniteit of soevereine rechten uitoefenen ten aanzien van enig deel van het Gebied of de rijkdommen ervan, en evenmin mag enige Staat of een natuurlijke persoon of rechtspersoon zich een deel daarvan toeëigenen. Een zodanige aanspraak of uitoefening van soevereiniteit of soevereine rechten of een zodanige toeëigening worden niet erkend. 2. Alle rechten op de rijkdommen van het Gebied berusten bij de gehele mensheid, uit wier naam de Autoriteit optreedt. Deze rijkdommen kunnen niet worden vervreemd. De uit het Gebied gewonnen delfstoffen kunnen evenwel alleen worden vervreemd overeenkomstig dit Deel en de regels, voorschriften en procedures van de Autoriteit. 3. Geen Staat of natuurlijke persoon of rechtspersoon mag aanspraak maken op rechten, dan wel rechten verwerven of uitoefenen, ten aanzien van de uit het Gebied gewonnen delfstoffen, behalve overeenkomstig dit Deel. Anderszins wordt een zodanige aanspraak op, dan wel verwerving of uitoefening van zodanige rechten niet erkend.

Rechtspraak bij dit artikel