Bij de uitoefening ingevolge dit Verdrag van hun bevoegdheden tot handhaving van de bepalingen ten aanzien van vreemde schepen, mogen de Staten niet de veiligheid van de scheepvaart in gevaar brengen of anderszins een gevaar scheppen voor een schip of het naar een onveilige haven of ankerplaats brengen of het mariene milieu aan een onredelijk risico blootstellen.
DEEL XII › AFDELING 7
Artikel 225
Plicht tot vermijding van nadelige gevolgen bij de uitoefening van de bevoegdheden tot handhaving van de bepalingen
Onderdeel van Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 28 juli 1996