**1.** De kuststaat kan binnen zijn territoriale zee de maatregelen nemen die nodig zijn om een doorvaart die niet onschuldig is, te voorkomen.
**2.** In het geval van schepen die zich begeven naar de binnenwateren of een haveninstallatie buiten de binnenwateren, heeft de kuststaat eveneens het recht de maatregelen te nemen die noodzakelijk zijn om te voorkomen, dat inbreuk wordt gepleegd op de voorwaarden waaraan de toelating van die schepen tot die binnenwateren of haveninstallatie is onderworpen.
**3.** De kuststaat kan, zonder rechtens of in feite onderscheid te maken tussen schepen van vreemde nationaliteit, in bepaalde gebieden van zijn territoriale zee de uitoefening van het recht van onschuldige doorvaart van vreemde schepen tijdelijk opschorten, indien die opschorting noodzakelijk is voor de bescherming van zijn veiligheid, met inbegrip van wapenoefeningen. Een zodanige opschorting wordt slechts van kracht nadat zij op behoorlijke wijze is bekendgemaakt.
DEEL II › AFDELING 3 › ONDERAFDELING A
Artikel 25
Rechten van bescherming van de kuststaat
Onderdeel van Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 28 juli 1996