Naar hoofdinhoud

TITEL VI › HOOFDSTUK 4

Artikel 86

Relatie tot WTO-verplichtingen

Onderdeel van Tijdelijke economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, en Centraal-Afrika, anderzijds· Internationaal publiekrecht

1. Arbitragepanels die krachtens deze overeenkomst zijn ingesteld, doen geen uitspraak in geschillen die verband houden met de rechten en verplichtingen van elke partij krachtens de Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie (WTO). 2. Het beroep op de bepalingen in deze overeenkomst over de beslechting van geschillen doet geen afbreuk aan enige rechtsvordering in het kader van de WTO, met inbegrip van die tot beslechting van een geschil. Wanneer echter een partij of, in voorkomend geval, de overeenkomstsluitende Centraal-Afrikaanse staten in verband met een specifieke maatregel een procedure voor geschillenbeslechting heeft of hebben ingeleid, hetzij krachtens artikel 70, lid 1, hetzij krachtens de WTO-overeenkomst, kan of kunnen zij in verband met dezelfde maatregel geen procedure voor geschillenbeslechting in het andere forum inleiden totdat de eerste procedure is afgesloten. Voor de toepassing van dit lid worden procedures voor geschillenbeslechting krachtens de WTO-overeenkomst geacht door een partij of, in voorkomend geval, door de overeenkomstsluitende Centraal-Afrikaanse staten te zijn ingeleid wanneer deze overeenkomstig artikel 6 van het WTO-memorandum van overeenstemming inzake de beslechting van geschillen een verzoek om instelling van een arbitragepanel heeft of hebben ingediend. 3. Deze overeenkomst belet een partij of, in voorkomend geval, de overeenkomstsluitende Centraal-Afrikaanse staten niet een schorsing van verplichtingen die is toegestaan door het Orgaan voor geschillenbeslechting van de WTO, ten uitvoer te leggen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel