Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK X

Artikel 19

Artikel 19

Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Canada inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 1 september 2010

1. In gevallen waarin de bijstand uit hoofde van dit Verdrag een inbreuk zou vormen op de soevereiniteit, veiligheid, openbare orde of een ander wezenlijk belang van een Verdragsluitende Partij of tot schending van een industrieel of een commercieel, dan wel een beroepsgeheim zou leiden, of strijdig zou zijn met haar nationale wetgeving, kan een Verdragsluitende Partij bijstand weigeren. 2. Indien de verzoekende administratie niet in staat zou zijn een soortgelijk verzoek van de aangezochte administratie in te willigen, wijst zij daarop in haar verzoek. Inwilliging van een dergelijk verzoek wordt overgelaten aan het oordeel van de aangezochte administratie. 3. De bijstand kan door de aangezochte administratie worden uitgesteld op grond van het feit dat een lopend onderzoek of een lopende vervolging of procedure hiermee wordt doorkruist. In een dergelijk geval pleegt de aangezochte administratie overleg met de verzoekende administratie om te bepalen of de bijstand kan worden verleend onder de voorwaarden die de aangezochte administratie verlangt. 4. Ingeval de bijstand wordt geweigerd of uitgesteld, dienen de redenen voor de weigering of het uitstel te worden gegeven.

Rechtspraak bij dit artikel