Elke Verdragsluitende Partij kan aan de andere Partij voorstellen overleg te plegen over een aangelegenheid betreffende de uitlegging of toepassing van dit Verdrag. De andere Partij neemt dit voorstel in welwillende overweging en neemt alle passende maatregelen om een dergelijk overleg mogelijk te maken.
Artikel 10
Overleg tussen de Verdragsluitende Partijen
Onderdeel van Verdrag inzake de bevordering en bescherming van investeringen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Burundi· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2009