Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK V

Artikel 17

Voorrechten en immuniteiten

Onderdeel van Internationale Overeenkomst inzake tropisch hout, 2006· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 7 december 2011

1. De Organisatie bezit rechtspersoonlijkheid. In het bijzonder heeft zij de bevoegdheid contracten af te sluiten, roerende en onroerende goederen te verwerven en te vervreemden, alsmede in rechte op te treden. 2. De rechtspositie, voorrechten en immuniteiten van de Organisatie, van haar uitvoerend directeur, haar personeel en deskundigen, en van vertegenwoordigers van leden op het grondgebied van Japan zijn geregeld in de Zetelovereenkomst tussen de Regering van Japan en de Internationale Organisatie voor tropisch hout, ondertekend te Tokio op 27 februari 1988, met wijzigingen die noodzakelijk kunnen zijn voor de juiste werking van deze Overeenkomst. 3. De Organisatie kan met een of meer landen overeenkomsten sluiten die moeten worden goedgekeurd door de Raad, betreffende de bevoegdheid, voorrechten en immuniteiten die noodzakelijk kunnen zijn voor de juiste werking van deze Overeenkomst. 4. Indien de zetel van de Organisatie wordt overgebracht naar een ander land, sluit het desbetreffende lid zo spoedig mogelijk met de Organisatie een Zetelovereenkomst, die moet worden goedgekeurd door de Raad. In afwachting van het sluiten van een dergelijke overeenkomst verzoekt de Organisatie de regering van het nieuwe gastland, voorzover de wetgeving van dat land zulks toestaat, om vrijstelling van belasting op de door de Organisatie aan haar personeelsleden betaalde salarissen, alsmede op de activa, inkomsten en andere goederen van de Organisatie. 5. De Zetelovereenkomst staat los van deze Overeenkomst. Zij wordt evenwel beëindigd: indien de regering van het gastland en de Organisatie zulks overeenkomen; ingeval de zetel van de Organisatie verhuist uit het grondgebied van de regering van het gastland; of ingeval de Organisatie ophoudt te bestaan.

Rechtspraak bij dit artikel