Teneinde de samenwerking tussen de beide landen op het gebied van de wetenschapsbeoefening en het onderwijs te bevorderen, verbinden de Overeenkomstsluitende Partijen zich met name ertoe op basis van wederkerigheid:
de uitwisseling van en contacten tussen hoogleraren, andere geleerden en studenten, alsmede de samenwerking tussen de Universiteiten en andere instellingen van wetenschapsbeoefening te bevorderen;
de uitwisseling te bevorderen van afvaardigingen en particuliere deskundigen van in onderling overleg nader te bepalen takken van wetenschap;
de samenwerking te bevorderen tussen deskundigen en instellingen op het gebied van het onderwijs in algemene zin;
studiebeurzen te verstrekken teneinde wederzijdse staatsburgers in de gelegenheid te stellen te studeren aan wederzijdse instellingen van wetenschapsbeoefening en onderwijs, en/of op andere wijze in hun land een studieverblijf door te brengen;
na te gaan onder welke voorwaarden het mogelijk zou zijn de gelijkwaardigheid te erkennen van door Universiteiten en andere instellingen van Hoger Onderwijs van het andere land verleende diploma's en de mogelijkheid te onderzoeken daartoe afzonderlijke regelingen te treffen;
de instelling en verdere ontwikkeling te bevorderen van leerstoelen, lectoraten en cursussen aan hun universiteiten en andere instellingen van onderwijs en onderzoek, die betrekking hebben op de taal, de cultuur en de beschaving van het andere land, alsmede meer in het algemeen de samenwerking en uitwisseling op het gebied van taal en letterkunde te bevorderen.
Artikel I
Artikel I
Onderdeel van Culturele Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Suriname· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 20 maart 1978