De Staten die partij zijn bij deze Overeenkomst erkennen dat, voor de toepassing van de Overeenkomst, de tot de volgende categorieën behorende goederen deel uitmaken van het culturele erfgoed van elke Staat:
culturele goederen voortgebracht door de individuele of collectieve scheppingskracht van onderdanen van de betrokken Staat en culturele goederen die van belang zijn voor de betrokken Staat en die zijn voortgebracht op het grondgebied van die Staat door onderdanen van een andere Staat of door staatloze personen die binnen dat grondgebied verblijven;
culturele goederen gevonden binnen het nationale grondgebied;
culturele goederen die met toestemming van de bevoegde autoriteiten van het land van oorsprong van deze goederen zijn verworven door oudheidkundige, etnologische of natuurwetenschappelijke teams;
culturele goederen die het voorwerp zijn geweest van een vrijwillig overeengekomen uitwisseling;
culturele goederen die met toestemming van de bevoegde autoriteiten van het land van oorsprong van deze goederen zijn ontvangen als gift of op wettige wijze zijn aangekocht.
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Overeenkomst inzake de middelen om de onrechtmatige invoer, uitvoer en eigendomsoverdracht van culturele goederen te verbieden en te verhinderen· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 17 oktober 2009