**1.** Ten einde, in geval van veranderingen in het prijspeil, het in het tweede lid van artikel VI bedoelde financiële raam te kunnen herzien, komen de Deelnemers - tenzij anders bepaald in paragraaf 2.4 van Bijlage B bij deze Overeenkomst - overeen:
op de bijdrage van ieder land dat bijdraagt aan de in het tweede lid, letter a van artikel VI bedoelde uitgaven, herzieningsformules toe te passen met gebruikmaking van de ter zake dienende door de Organisatie aanvaarde nationale indexcijfers; en
op de bijdrage van ieder land dat bijdraagt aan de in het tweede lid, letter b en c van artikel VI bedoelde uitgaven, de normale in de Organisatie geldende regels toe te passen.
**2.** Indien naar het oordeel van de Programmaraad het in het tweede lid, letter a van artikel VI bedoelde bedrag aan uitgaven om andere redenen dan veranderingen in het prijspeil dient te worden herzien, zijn de volgende bepalingen van toepassing:
Indien de bijkomende uitgaven 20 pct. van dit bedrag - zo nodig herzien krachtens het bepaalde in het eerste lid van dit artikel - niet te boven gaan, zijn de Deelnemers verplicht aan de bijkomende uitgaven bij te dragen in verhouding tot hun bijdragen zoals vastgelegd in Bijlage B bij deze Overeenkomst.
Bijkomende uitgaven die 20 pct. van het bovengenoemde bedrag te boven gaan, worden gedragen door de Franse Regering mits de overschrijding niet meer beloopt dan 35 pct.
Een Deelnemer mag zich niet uit het programma terugtrekken zolang het bepaalde in de letters a en b van dit lid nog van kracht is.
Indien de bijkomende uitgaven meer bedragen dan 35 pct. van het in het tweede lid, letter a, van artikel VI bedoelde bedrag aan directe uitgaven, indien nodig herzien overeenkomstig het eerste lid van dit artikel, hetzij wegens de feitelijke omstandigheden, hetzij in overeenstemming met de door de Programmaraad aanvaarde ramingen, houden de hierboven genoemde verplichtingen van de Franse Regering op te bestaan en plegen de Deelnemers onderling overleg over de toekomst van het programma.
De Franse Regering onderwerpt de in letter b van dit lid bedoelde verplichting aan een nader onderzoek, indien de Organisatie niet langer in staat is haar te voorzien van de nodige middelen voor de uitvoering van het programma door het in gebreke blijven van een of meer Deelnemers.
Artikel VII
Artikel VII
Onderdeel van Overeenkomst tussen bepaalde Europese Regeringen en de Europese Organisatie voor Ruimteonderzoek betreffende de uitvoering van het Ariane draagraketprogramma· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 6 februari 1979