Naar hoofdinhoud
1. De Raad bestaat uit twaalf leden, van wie zes onderdanen van de Verenigde Staten van Amerika en zes onderdanen van het Koninkrijk der Nederlanden. 2. De benoeming en het ontslag van onderdanen van de Verenigde Staten van Amerika als lid van de Raad worden verricht door het Hoofd der Missie. De benoeming en het ontslag van onderdanen van het Koninkrijk der Nederlanden als lid van de Raad worden verricht door de Minister. 3. De leden hebben zitting van het tijdstip van hun benoeming tot en met 31 december van het daaropvolgende jaar en kunnen worden herbenoemd. Vacatures ontstaan door aftreden, vestiging buiten Nederland, het verstrijken van de zittingstermijn, of anderszins, worden vervuld overeenkomstig de benoemingsprocedure vervat in dit artikel. 4. De leden ontvangen geen vergoeding voor hun diensten, doch de Raad is bevoegd de noodzakelijke onkosten gemaakt door de leden voor het bijwonen van zijn vergaderingen en het verrichten van andere door hem opgedragen officiële taken te vergoeden. 5. De Raad kiest uit zijn leden een Voorzitter en een Vice-Voorzitter, alsmede - met goedkeuring van de Minister van Buitenlandse Zaken en de Minister - een Penningmeester en een plaatsvervangend Penningmeester. 6. Zeven van de leden, waaronder ten minste drie van elke nationaliteit, vormen een quorum. 7. Met inachtneming van het zesde lid moet voor alle besluiten van de Raad de meerderheid der aanwezige leden die hun stem uitbrengen hebben voorgestemd. 8. Alle leden van de Raad, met inbegrip van de Voorzitter en de Vice-Voorzitter, de Penningmeester en de plaatsvervangend Penningmeester, hebben stemrecht. 9. De vergaderingen van de Raad en van zijn commissies bedoeld in artikel 7, onder (i), van deze Overeenkomst worden gehouden op een door de Raad te bepalen plaats. 10. De Ere-Voorzitters van de NACEE hebben het recht vergaderingen van de Raad of van zijn commissies bedoeld in artikel 7, onder (i), van deze Overeenkomst als waarnemer bij te wonen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel