Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II

Artikel 25bis

Bijzondere regels betreffende tunnels aangegeven door middel van speciale verkeerstekens

Onderdeel van Verdrag inzake het wegverkeer· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 8 november 2008

In tunnels die zijn aangegeven door speciale verkeerstekens, gelden de volgende regels: Het is voor alle bestuurders verboden: achteruit te rijden; te keren. Zelfs wanneer de tunnel is verlicht, moeten alle bestuurders het groot licht of dimlicht ontsteken. Bestuurders mogen een voertuig uitsluitend stoppen of parkeren in geval van nood of gevaar. Hierbij moeten zij, waar mogelijk, gebruik maken van de speciaal aangeduide plaatsen. Wanneer een voertuig langere tijd stilstaat, moet de bestuurder de motor afzetten.

Rechtspraak bij dit artikel