Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Duitse Bondsrepubliek inzake de begrenzing van het continentaal plat onder de Noordzee· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 7 december 1972

(1). Indien in of op het continentaal plat van een der Verdragsluitende Partijen een voorkomen van delfstoffen wordt vastgesteld en de andere Verdragsluitende Partij van oordeel is dat dit vastgestelde voorkomen zich in of op haar continentaal plat uitstrekt, dan kan zij dit onder overlegging van de gegevens waarop zij haar oordeel baseert, aan de eerstgenoemde Partij kenbaar maken. Indien deze de opvatting van de andere Partij niet deelt, dan doet het scheidsgerecht overeenkomstig artikel 5, op verzoek van een der Partijen, hierover uitspraak. (2). Indien de Verdragsluitende Partijen het erover eens zijn, of indien het scheidsgerecht heeft vastgesteld, dat het voorkomen zich in of op het continentaal plat van beide Partijen uitstrekt, dan zullen de Regeringen van de Verdragsluitende Partijen met het oog op de exploitatie een regeling treffen die, met inachtneming van de belangen van beide Partijen, rekening houdt met het beginsel dat elke Partij aanspraak heeft op de in of op haar continentaal plat aanwezige delfstoffen. Ingeval er reeds delfstoffen zijn gewonnen uit het grensoverschrijdende voorkomen, dient de regeling eveneens bepalingen voor een passende vereffening te bevatten. (3). Een regeling als bedoeld in het tweede lid kan, met toestemming van de Regeringen der Verdragsluitende Partijen, ook geheel of gedeeltelijk tussen de rechthebbenden worden getroffen. Rechthebbende is degene die een recht op winning van de desbetreffende delfstoffen heeft. (4). Indien een regeling overeenkomstig de leden 2 of 3 niet binnen een redelijke termijn tot stand komt, kan elk der Verdragsluitende Partijen een beroep doen op het scheidsgerecht overeenkomstig artikel 5. Het scheidsgerecht kan in zulke gevallen ook ex aequo et bono een uitspraak doen. Het scheidsgerecht is bevoegd, na het horen van de Verdragsluitende Partijen, voorlopige voorzieningen te treffen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel