Naar hoofdinhoud

Artikel XVII

Artikel XVII

Onderdeel van Overeenkomst inzake economische samenwerking tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Koninkrijk Marokko· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 27 juli 1978

(1). Elk geschil tussen de Overeenkomstsluitende Partijen ter zake van de uitlegging of de toepassing van de onderhavige Overeenkomst dat niet op andere wijze kan worden geregeld, wordt, ten verzoeke van een der partijen bij het geschil, aan een uit drie leden bestaand scheidsgerecht voorgelegd. Elke partij wijst een scheidsman aan. De aldus aangewezen scheidsmannen benoemen een derde scheidsman, die geen onderdaan van een der partijen is. (2). Indien één der partijen zijn scheidsman niet heeft aangewezen en binnen twee maanden geen gevolg heeft gegeven aan een uitnodiging van de andere partij om tot die aanwijzing over te gaan, wordt de scheidsman, ten verzoeke van die laatste partij, door de President van het Internationaal Gerechtshof benoemd. (3). Indien de twee scheidsmannen niet, binnen twee maanden na hun aanwijzing, tot overeenstemming kunnen komen over de keuze van de derde scheidsman, zal deze, ten verzoeke van één der partijen, door de President van het Internationaal Gerechtshof worden benoemd. (4). Indien, in de gevallen voorzien in het tweede en het derde lid van het onderhavige artikel, de President van het Internationaal Gerechtshof verhinderd is genoemde functie uit te oefenen of indien hij onderdaan van één der partijen is, worden de benoemingen door de Vice-President gedaan, Indien de Vice-President verhinderd is genoemde functie uit te oefenen of indien hij onderdaan van een der partijen is, worden de benoemingen door het lid van het Hof gedaan, dat het hoogst in anciënniteit is en dat geen onderdaan van een der partijen is. (5). Het scheidsgerecht doet een uitspraak op de grondslag van de eerbiediging van het recht. Alvorens zijn uitspraak te doen kan het, in elke stand van het geding, een minnelijke schikking van het geschil aan partijen voorstellen. Bovenvermelde bepalingen doen geen afbreuk aan de bevoegdheid van het scheidsgerecht om een uitspraak ex aequo et bono te doen indien partijen daarmede instemmen. (6). Tenzij partijen anders beslissen, stelt het scheidsgerecht zijn eigen procedure vast. (7). Het scheidsgerecht doet zijn uitspraak bij meerderheid van stemmen. Deze uitspraak is onherroepelijk en bindend voor de partijen bij het geschil. Voor voorlopige toepassing zie ook Trb. 1973/11 en Trb. 1974/8. Voor voorlopige toepassing zie ook Trb. 1973/11 en Trb. 1974/8.

Rechtspraak bij dit artikel