Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK VIII

Artikel 31

Schorsing van Leden

Onderdeel van Overeenkomst tot instelling van het Gemeenschappelijk Fonds voor Grondstoffen· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 19 juni 1989

1. Behalve zoals is bepaald in artikel 35, tweede lid, letter b kan de Raad van Bestuur met een gekwalificeerde meerderheid een Lid schorsen, indien dit Lid nalaat een van zijn financiële verplichtingen jegens het Fonds na te komen. Het aldus geschorste Lid houdt automatisch op Lid te zijn met ingang van één jaar na de datum van de schorsing, tenzij de Raad besluit de schorsing met één jaar te verlengen. 2. Wanneer de Raad van Bestuur overtuigd is dat het geschorste Lid zijn financiële verplichtingen jegens het Fonds is nagekomen, herstelt de Raad het Lid in ere. 3. Tijdens zijn schorsing is het een Lid niet toegestaan enig recht ingevolge dit Verdrag uit te oefenen, behalve het recht van terugtrekking en het recht op arbitrage tijdens de beëindiging van de werkzaamheden van het Fonds; het Lid blijft evenwel onderworpen aan de nakoming van alle hem ingevolge deze Overeenkomst opgelegde verplichtingen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel