Naar hoofdinhoud

Artikel VII

Internationale samenwerking

Onderdeel van Internationaal Verdrag voor de bescherming van planten· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 4 april 1991

De Verdragsluitende Partijen moeten zoveel mogelijk samenwerken om de doeleinden van dit Verdrag te bereiken, in het bijzonder op de volgende wijze: Elke Verdragsluitende Partij verbindt zich ertoe met de FAO samen te werken bij de oprichting van een mondiale inlichtingendienst voor ziekten van planten waarbij volledig gebruik zal worden gemaakt van de faciliteiten en diensten van reeds voor dit doel bestaande organisaties. Wanneer deze mondiale inlichtingendienst is opgericht, zullen de deelnemende Partijen regelmatig aan de FAO de volgende inlichtingen verstrekken, die de FAO ter kennis dient te brengen van de Verdragsluitende Partijen: rapporten over het voorkomen, het uitbreken en het verspreiden van in economisch opzicht belangrijke ziekten van planten en plantaardige produkten die een onmiddellijk gevaar kunnen zijn of een gevaar kunnen worden; mededelingen over middelen die doeltreffend zijn bevonden bij de bestrijding van ziekten van planten en plantaardige produkten; Iedere Verdragsluitende Partij dient, voor zover uitvoerbaar, deel te nemen aan speciale campagnes ter bestrijding van bepaalde ziekten die de teelt van gewassen ernstig kunnen bedreigen en een internationaal optreden noodzakelijk maken om de noodtoestand het hoofd te bieden. De Engelse tekst van het Verdrag is oorspronkelijk gepubliceerd in Trb. 1952/100. De vertaling is gepubliceerd in Trb. 1953/73. Het Verdrag is in werking getreden op 29 oktober 1954, zie Trb. 1957/39. Het Verdrag is gewijzigd door Trb. 1981/27, Trb. 1998/125 en Trb. 2000/31.

Rechtspraak bij dit artikel