Naar hoofdinhoud

Artikel XI

Territoriale toepasselijkheid

Onderdeel van Internationaal Verdrag voor de bescherming van planten· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 4 april 1991

1. Iedere Staat kan ten tijde van de bekrachtiging of de toetreding of op ieder tijdstip daarna, aan de Directeur-Generaal van de FAO een verklaring doen toekomen dat dit Verdrag mede van toepassing is op alle of bepaalde gebieden voor de internationale betrekkingen waarvan deze Staat verantwoordelijk is. Dit Verdrag is op alle in deze verklaring genoemde gebieden van toepassing met ingang van de dertigste dag na ontvangst van de verklaring door de Directeur-Generaal. 2. Iedere Staat die aan de Directeur-Generaal van de FAO een verklaring heeft doen toekomen overeenkomstig het eerste lid van dit artikel, kan te allen tijde een aanvullende verklaring indienen die de draagwijdte van vroegere verklaringen wijzigt of een eind maakt aan de toepassing van de bepalingen van dit Verdrag met betrekking tot een gebied. Een zodanige wijziging of beëindiging wordt van kracht met ingang van de dertigste dag na ontvangst van de verklaring door de Directeur-Generaal. 3. De Directeur-Generaal van de FAO doet aan alle ondertekenende en toetredende Staten mededeling van alle krachtens dit artikel ontvangen verklaringen. De Engelse tekst van het Verdrag is oorspronkelijk gepubliceerd in Trb. 1952/100. De vertaling is gepubliceerd in Trb. 1953/73. Het Verdrag is in werking getreden op 29 oktober 1954, zie Trb. 1957/39. Het Verdrag is gewijzigd door Trb. 1981/27, Trb. 1998/125 en Trb. 2000/31.

Rechtspraak bij dit artikel