Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Artikel 10

Onderdeel van Verdrag betreffende jaarlijks verlof met behoud van loon van zeevarenden· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 12 november 1981

1. Het tijdvak waarin het verlof moet worden opgenomen dient, tenzij dit is vastgelegd in een voorschrift, collectieve arbeidsovereenkomst, scheidsrechterlijke uitspraak of op enigerlei andere wijze in overeenstemming met het nationale gebruik, te worden bepaald door de werkgever na raadpleging van en voorzover mogelijk in overeenstemming met de betrokken zeevarende of diens vertegenwoordigers. 2. Een zeevarende kan niet worden verplicht zonder zijn toestemming het hem toekomende jaarlijks verlof in een andere plaats op te nemen dan waar hij werd aangemonsterd of aangeworven - naar gelang welke plaats het dichtst bij de woonplaats ligt - tenzij krachtens bepalingen in een collectieve arbeidsovereenkomst of in nationale wetten of regelingen. 3. Indien een zeevarende genoodzaakt is zijn jaarlijks verlof aan te vangen in een andere plaats dan die toegestaan in het tweede lid van dit artikel, heeft hij recht op kosteloos vervoer naar de plaats waar hij is aangemonsterd of werd aangeworven - naar gelang welke plaats het dichtst bij zijn woonplaats ligt -; verblijfs- en andere kosten die rechtstreeks verband houden met zijn terugkeer daarheen komen voor rekening van de werkgever; de reistijd wordt niet afgetrokken van het jaarlijks verlof met behoud van loon, waarop de zeevarende recht heeft.

Rechtspraak bij dit artikel