Naar hoofdinhoud

Artikel II

Verlening van rechten

Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Qatar inzake luchtdiensten tussen en via hun onderscheiden grondgebieden· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 22 augustus 2003

1. Elk der Overeenkomstsluitende Partijen verleent de andere Overeenkomstsluitende Partij de volgende rechten ten behoeve van de door die andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschappijen: het recht over het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij te vliegen zonder te landen; het recht op het bedoelde grondgebied te landen, anders dan voor verkeersdoeleinden; en het recht op het bedoelde grondgebied te landen voor het opnemen of afzetten van passagiers, vracht en post in internationaal verkeer, afzonderlijk of gecombineerd, bij de exploitatie van een dienst op een route, overeengekomen en omschreven in de Bijlage die ter uitvoering van deze Overeenkomst is opgesteld. Deze diensten en routes worden hierna onderscheidenlijk de „overeengekomen diensten” en de „omschreven routes” genoemd. 2. Geen van de bepalingen in het eerste lid van dit artikel wordt geacht de luchtvaartmaatschappijen van een Overeenkomstsluitende Partij het recht te geven tot het opnemen, op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij, van passagiers, vracht of post, vervoerd tegen beloning of vergoeding en bestemd voor een ander punt op het grondgebied van die andere Overeenkomstsluitende Partij.

Rechtspraak bij dit artikel