**1.** Tenzij in deze Overeenkomst anders is bepaald, worden geschillen tussen de Overeenkomstsluitende Partijen betreffende de uitlegging of toepassing van deze Overeenkomst die niet door overleg kunnen worden opgelost, op verzoek van een der Overeenkomstsluitende Partijen voorgelegd aan een scheidsgerecht, bestaande uit drie scheidsmannen. Elke Overeenkomstsluitende Partij benoemt een scheidsman en de derde scheidsman wordt in overeenstemming tussen de twee aldus gekozen scheidsmannen benoemd, met dien verstande dat deze derde scheidsman geen onderdaan kan zijn van een der Overeenkomstsluitende Partijen.
**2.** Elk der Overeenkomstsluitende Partijen moet een scheidsman aanwijzen binnen zestig (60) dagen na de datum waarop de ene Overeenkomstsluitende Partij aan de andere Overeenkomstsluitende Partij een diplomatieke nota overhandigt, waarin om beslechting van een geschil door arbitrage wordt gevraagd; de derde scheidsman wordt aangewezen binnen dertig (30) dagen vanaf de datum van verstrijken van de bovengenoemde zestig (60) dagen.
**3.** Indien binnen de overeengekomen termijn geen overeenstemming is bereikt omtrent de derde scheidsman wordt deze functie vervuld door een persoon benoemd door de Voorzitter van de Raad van de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie overeenkomstig de gebruiken van deze Organisatie.
**4.** Beide Overeenkomstsluitende Partijen nemen op zich, zich te houden aan iedere beslissing die overeenkomstig het bepaalde in dit artikel wordt gegeven. Het scheidsgerecht beslist over de verdeling van de kosten die uit deze procedure kunnen voortvloeien.
Ingevolge artikel 1, eerste lid, van de Overeenkomst inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten tussen de Europese Unie en de Verenigde Mexicaanse Staten van 15 december 2010 (Pb. EU L 38 van 12 februari 2011, blz. 34-39) wordt vanaf 22 juni 2012, wanneer in de tekst van de bilaterale overeenkomst, met Bijlage, wordt verwezen naar onderdanen van het Koninkrijk der Nederlanden, dit beschouwd als verwijzingen naar onderdanen van de lidstaten van de Europese Unie (Trb. 2012/215). Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1975/25. Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1978/45. Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1981/42. Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1984/7. Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1987/17. Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1990/36.
Ingevolge artikel 1, eerste lid, van de Overeenkomst inzake bepaalde aspecten van luchtdiensten tussen de Europese Unie en de Verenigde Mexicaanse Staten van 15 december 2010 (Pb. EU L 38 van 12 februari 2011, blz. 34-39) wordt vanaf 22 juni 2012, wanneer in de tekst van de bilaterale overeenkomst, met Bijlage, wordt verwezen naar onderdanen van het Koninkrijk der Nederlanden, dit beschouwd als verwijzingen naar onderdanen van de lidstaten van de Europese Unie (Trb. 2012/215). Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1975/25. Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1978/45. Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1981/42. Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1984/7. Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1987/17. Voor inwerkingtreding zie ook Trb. 1990/36.
Artikel 14
Artikel 14
Onderdeel van Luchtvaartovereenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Mexicaanse Staten· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 22 januari 1973