Onverminderd de tussen de Verdragsluitende Partijen te sluiten overeenkomsten, verleent elke Partij aan de andere de vrije doortocht over haar grondgebied op de voorwaarden die voor elk derde land gelden. Op de voorrechten die, krachtens bijzondere overeenkomsten betreffende de doortocht, door een Verdragsluitende Partij zijn toegekend aan een land dat geen partij is bij dit Verdrag, kan echter door de andere Verdragsluitende Partij geen aanspraak worden gemaakt.
Artikel 7
Artikel 7
Onderdeel van Handelsverdrag tussen de Regeringen van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden, Leden van de Benelux Economische Unie, en de Regering van de Unie van Socialistische Sowjet-Republieken· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 juni 1973