Niettegenstaande de bepalingen van de artikelen 16 en 17 mogen voordelen of inkomsten, verkregen door beroepsartiesten, zoals toneelspelers, film-, radio- of televisieartiesten en musici, alsmede door sportbeoefenaars, uit hun al dan niet zelfstandige persoonlijke werkzaamheden als zodanig, worden belast in de Staat waarin deze werkzaamheden worden verricht. Deze bepaling is ook van toepassing op zulke voordelen of inkomsten die door de bedoelde personen, hetzij onmiddellijk, hetzij middellijk, worden verkregen of aan hen opkomen door middel van rechtspersonen die door hen worden beheerst.
HOOFDSTUK III
Artikel 19
Artiesten en sportbeoefenaars
Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Israël tot het vermijden van dubbele belasting en het voorkomen van het ontgaan van belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en naar het vermogen· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 9 september 1974