Naar hoofdinhoud

Artikel II

Artikel II

Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Zambia inzake technische samenwerking· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 16 april 1987

In verband met een project verbindt de Zambiaanse Regering zich ertoe: de deskundigen en hun gezinnen vrij te stellen van douanerechten, belastingen en andere daarmee verband houdende heffingen ten aanzien van persoonlijke bezittingen en huishoudelijke artikelen die in Zambia worden ingevoerd voor hun persoonlijk gebruik, of hun het recht te geven deze bezittingen en artikelen in Zambia uit entrepot te betrekken binnen zes maanden na hun eerste aankomst in Zambia. Het begrip „persoonlijke bezittingen en huishoudelijke artikelen” omvat voor ieder huishouden één motorvoertuig. Indien deze bezittingen of artikelen in Zambia worden verkocht of anderszins van de hand worden gedaan aan iemand die niet dezelfde voorrechten geniet, worden daarover passende invoerrechten betaald op basis van de geschatte waarde van de bezittingen of artikelen. Persoonlijke bezittingen of huishoudelijke artikelen mogen niet worden verkocht of van de hand gedaan zonder voorafgaande kennisgeving aan de inspecteur van belastingen en accijnzen. het recht te verlenen de onder lid (a) genoemde bezittingen en artikelen weer uit te voeren bij voltooiing van de taak van de deskundige in Zambia. de deskundigen vrij te stellen van persoonlijke inkomstenbelasting of iedere andere directe belasting ten aanzien van de emolumenten die door de Nederlandse Regering aan hen worden betaald. kosteloos en onverwijld inreis- en uitreisvisa en andere vergunningen te verlenen voor de Nederlandse deskundigen en hun gezinnen. de deskundigen de gunstigste wisselfaciliteiten te verlenen, te weten rekeningen voor niet-ingezetenen, voor al hun Nederlandse vergoedingen. in geval van een internationale crisis waardoor de veiligheid van de buitenlandse onderdanen in Zambia wordt bedreigd, de deskundigen en hun gezinnen dezelfde repatriëringsfaciliteiten te bieden als het diplomatieke personeel. de deskundigen en hun gezinnen vrij te stellen van nationale dienstplicht en andere met de defensie verband houdende taken. voor de deskundigen en hun gezinnen medische verzorging te bieden zoals is voorzien voor iedere burger of inwoner van Zambia, met inbegrip van het overheidspersoneel in alle categorieën. in geval van enige schade aan derden, veroorzaakt door de deskundige tijdens de uitvoering van zijn onder deze Overeenkomst vallende taken in Zambia, in zijn plaats aansprakelijk te zijn en zal afzien van iedere vordering tegen de deskundige, tenzij door een bevoegd gerechtshof in Zambia wordt vastgesteld dat deze schade het gevolg is van grove nalatigheid of opzettelijk of misdadig handelen van de deskundige. er voor te zorgen dat de deskundigen en hun gezinnen een behandeling wordt toegekend die niet minder gunstig is dan die welke wordt toegekend aan personeel van enig ander land dat in het kader van de technische hulpverlening in Zambia is tewerkgesteld.

Rechtspraak bij dit artikel