Naar hoofdinhoud
1. Het neerslaggebied van de Vecht, met inbegrip van het gebied dat langs het ontlastingskanaal van het kanaal Coevorden Alte Picardie naar de Vecht nabij Emlichheim afwatert, bij de grens is ongeveer 1788 km2 groot en is op de bij deze overeenkomst behorende kaart (bijlage 1) aangegeven. 2. Aan de grens verkreeg de Vecht in 1958 het onderstaande profiel: bodemhoogte Normal Null (NN) + 6.42 m (Normaal Amsterdams Peil (N.A.P.) + 6.42 m); bodembreedte 18.40 m; hoogte uiterwaard NN + 9.85 m (N.A.P. + 9.85 m); kruin dijk aan beide zijden NN + 12.02 m (N.A.P. + 12.02 m); taluds 1:3. De ligging van de dijken is op de bij deze overeenkomst behorende kaart (bijlage 2) aangegeven. Het verhang van de kruinlijn bedraagt 0,15 m per 1000 meter. 3. Het profiel van de Vecht over het traject Echteler-stuw De Haandrik wordt met inbegrip van de dijken zodanig onderhouden, dat bij een afvoer (Zomerhoogwater) van 60/1 sec.km2 (dat is 107 m3/sec.) bij de grens het peil van NN + 10.24 m (N.A.P. + 10.24 m) zo mogelijk niet wordt overschreden en bij een afvoer (Winterhoogwater) van 180 1/sec.km2 (dat is 321 m3/sec.) bij de grens het peil van NN + 11.58 m (N.A.P. + 11.58 m) zo mogelijk niet wordt overschreden. 4. De waterstand boven de stuw bij De Haandrik wordt door middel van die stuw zoveel mogelijk op N.A.P. + 9.10 m gehouden. 5. Om een goed geregelde waterhuishouding in tijden van lage afvoeren in stand te houden, verplichten beide partijen zich, binnen het kader van de mogelijkheden die de wet biedt een spaarzaam waterbeheer te voeren, vooral bij de wateronttrekking uit oppervlaktewateren. 6. Ter controle van de waterkwaliteit zullen in onderling overleg regelmatig watermonsters worden onderzocht; de gemeenschappelijke monsterplaats is gelegen op 50 m afstand bovenstrooms van de kruising met het kanaal Coevorden-Almelo bij De Haandrik. 7. Beide partijen stellen in onderling overleg een dienst in voor de berichtgeving over hoogwater en bediening van de stuwen. 8. Voor het gezamenlijk onderzoeken en het vaststellen van verontreinigingen, zandafzetting of andere schaden aan de Vecht en de daartoe behorende kunstwerken en dijken aan beide zijden van de grens, wijst elke partij een vertegenwoordiger aan die met deze taak wordt belast. Op verzoek van de beheerder van de Vecht of van de Vechtdijken stellen deze twee vertegenwoordigers op korte termijn een onderzoek in en brengen rapport uit.

Rechtspraak bij dit artikel