**(1).** Er is een College van Bewindvoerders bestaande uit twaalf bewindvoerders.
**(2).** De deelnemende Staten kiezen, ingevolge bijlage B, zes bewindvoerders en zes plaatsvervangende bewindvoerders.
**(3).** De Bank wijst, ingevolge bijlage B, zes bewindvoerders en hun plaatsvervangers aan uit het College van Bewindvoerders van de Bank.
**(4).** Een plaatsvervangend bewindvoerder van het Fonds kan alle vergaderingen van het College van Bewindvoerders bijwonen, doch neemt geen deel aan de besprekingen en brengt geen stem uit, behalve bij afwezigheid van de bewindvoerder wiens plaatsvervanger hij is.
**(5).** Het College van Bewindvoerders nodigt de andere bewindvoerders van de Bank en hun plaatsvervangers uit vergaderingen van het College van Bewindvoerders bij te wonen als waarnemer en elke zodanige bewindvoerder of, bij zijn afwezigheid zijn plaatsvervanger, kan deelnemen aan de bespreking van een voorgelegd project dat beoogt het land dat hij in het College van Bewindvoerders van de Bank vertegenwoordigt ten goede te komen.
**(6).** Een door de Bank aangewezen bewindvoerder oefent zijn functie uit totdat zijn opvolger is aangewezen ingevolge bijlage B en zijn functie heeft aanvaard. Indien een door de Bank aangewezen bewindvoerder aftreedt als bewindvoerder van de Bank, treedt hij tevens af als bewindvoerder van het Fonds.
De ambtsperiode van door deelnemende Staten gekozen bewindvoerders is drie jaar, doch eindigt wanneer een algemene verhoging van de bijdragen krachtens artikel 7, eerste lid, van kracht wordt. Deze bewindvoerders zijn verkiesbaar voor een of meer volgende ambtsperioden. Zij blijven in functie totdat hun opvolgers zijn gekozen en hun functie hebben aanvaard. Indien de functie van een zodanige bewindvoerder openvalt vóór het verstrijken van zijn ambtsperiode, wordt de opengevallen plaats vervuld door een nieuwe bewindvoerder gekozen door de deelnemende Staat of Staten waarvoor zijn voorganger gerechtigd was te stemmen. Een zodanige een ander opvolgende bewindvoerder bekleedt het ambt voor het resterende gedeelte van de ambtsperiode van zijn voorganger.
Zolang de functie van een bewindvoerder onvervuld blijft, oefent de plaatsvervanger van de vorige bewindvoerder de bevoegdheden van de laatste uit, behalve het recht een plaatsvervanger te benoemen, anders dan een tijdelijke plaatsvervanger, om hem te vertegenwoordigen op vergaderingen waar hij niet aanwezig kan zijn.
**(7).** Indien een Staat een deelnemende Staat wordt krachtens artikel 3, derde lid, of een deelnemende Staat zijn bijdrage verhoogt of indien er zich om andere redenen wijzigingen mochten voordoen in het stemrecht van afzonderlijke deelnemende Staten tussen de voor de keuze van de bewindvoerders die deelnemende Staten vertegenwoordigen bepaalde data:
Leidt zulks niet tot aanstelling van andere bewindvoerders, en verstande dat indien een bewindvoerder niet langer stemrecht bezit, zijn ambtsperiode en die van zijn plaatsvervanger onmiddellijk worden beëindigd.
Wordt het stemrecht van de deelnemende Staten en van de door hen gekozen bewindvoerders aangepast met ingang van de datum van inwerkingtreding van de verhoging van de bijdrage, van die van de nieuwe bijdrage of van die van een andere wijziging in het stemrecht.
Kan, indien zulk een nieuwe deelnemende Staat stemrecht bezit, deze Staat een bewindvoerder, die dan een of meer deelnemende Staten vertegenwoordigt, aanwijzen hem te vertegenwoordigen en voor hem te stemmen tot de volgende algemene verkiezing van bewindvoerders voor de deelnemende Staten.
**(8).** Bewindvoerders en hun plaatsvervangers vervullen hun taak zonder beloning of vergoeding van onkosten door het Fonds.
HOOFDSTUK VI
Artikel 27
College van Bewindvoerders: samenstelling
Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van het Afrikaanse Ontwikkelingsfonds· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 30 juni 1973