Naar hoofdinhoud

Artikel III

Artikel III

Onderdeel van Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Mauritius inzake luchtdiensten· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 18 augustus 1974

1. Elke Overeenkomstsluitende Partij is gerechtigd aan de andere Overeenkomstsluitende Partij schriftelijk mededeling te doen van de aanwijzing van een luchtvaartmaatschappij voor de exploitatie van de overeengekomen diensten op de omschreven routes. 2. Na ontvangst van een dergelijke aanwijzing verleent de andere Overeenkomstsluitende Partij, met inachtneming van het bepaalde in de leden 3 en 4 van dit artikel, onverwijld de vereiste exploitatievergunning aan de aangewezen luchtvaartmaatschappij. 3. De luchtvaartautoriteiten van de ene Overeenkomstsluitende Partij kunnen eisen, dat de door de andere Overeenkomstsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschappij hun aantoont dat zij in staat is te voldoen aan de voorwaarden die worden gesteld bij de wetten en voorschriften welke door deze autoriteiten gewoonlijk ten aanzien van de werkzaamheden van luchtvervoerders en van de exploitatie van internationale commerciële luchtdiensten worden toegepast. 4. Elke Overeenkomstsluitende Partij heeft het recht te weigeren de aanwijzing van de luchtvaartmaatschappij te aanvaarden, of de luchtvaartmaatschappij de in het tweede lid van Artikel II van deze Overeenkomst omschreven rechten te onthouden, of aan de uitoefening van deze rechten door de luchtvaartmaatschappij zodanige voorwaarden te verbinden als door haar noodzakelijk worden geacht, in elk geval waarin niet ten genoegen van die Overeenkomstsluitende Partij is aangetoond dat een aanmerkelijk deel van de eigendom van en het daadwerkelijk toezicht op die luchtvaartmaatschappij berusten bij de andere Overeenkomstsluitende Partij of haar onderdanen. 5. Indien een luchtvaartmaatschappij aldus is aangewezen en haar een machtiging is verleend kan zij op ieder tijdstip een aanvang maken met de exploitatie van de overeengekomen diensten, mits aan het bepaalde in de artikelen VIII en X is voldaan.

Rechtspraak bij dit artikel