Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Regeling van geschillen

Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Kenya inzake luchtdiensten tussen en via hun onderscheiden grondgebieden· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 24 februari 1981

1). Indien tussen de Overeenkomstsluitende Partijen een geschil mocht ontstaan omtrent de uitlegging of toepassing van deze Overeenkomst, trachten de Regeringen van de Overeenkomstsluitende Partijen in de eerste plaats dit geschil te regelen door onderling overleg. 2). Indien de Regeringen er niet in slagen door middel van overleg een regeling te treffen, kunnen zij overeenkomen het geschil ter beslissing voor te leggen aan een bevoegde persoon of instantie; indien zij dit niet overeenkomen, wordt het geschil op verzoek van een der Overeenkomstsluitende Partijen ter beslissing voorgelegd aan een scheidsgerecht van drie scheidsmannen, van wie er een door elk der Overeenkomstsluitende Partijen wordt aangewezen en de derde door de twee aldus aangewezen scheidsmannen wordt benoemd. Elk der Overeenkomstsluitende Partijen wijst binnen zestig (60) dagen na het tijdstip waarop de ene Overeenkomstsluitende Partij van de andere Overeenkomstsluitende Partij langs diplomatieke weg een kennisgeving heeft ontvangen, waarin om voorlegging van het geschil aan een dergelijk scheidsgerecht wordt verzocht, een scheidsman aan, en de derde scheidsman wordt door de twee aldus aangewezen scheidsmannen binnen het daaraan aansluitende tijdvak van eveneens zestig (60) dagen benoemd. Indien een der Overeenkomstsluitende Partijen nalaat binnen het aangegeven tijdvak een scheidsman aan te wijzen, of indien de derde scheidsman niet binnen het aangegeven tijdvak wordt benoemd, kan door elk der Overeenkomstsluitende Partijen een verzoek worden gericht tot de president van de Raad van de Internationale Burgerluchtvaartorganisatie om een scheidsman of eventueel scheidsmannen te benoemen. In dit geval dient de derde scheidsman een onderdaan te zijn van een derde Staat en dient hij op te treden als president van het Scheidsgerecht. 3). De Overeenkomstsluitende Partijen houden zich aan iedere ingevolge het tweede lid van dit artikel genomen beslissing.

Rechtspraak bij dit artikel