Elke Verdragspartij kan voorstellen doen tot wijziging van dit Verdrag. Wijzigingen worden voor elke Verdragspartij die de wijzigingen heeft aanvaard van kracht op de datum van hun aanvaarding door een meerderheid van de Staten die Partij zijn bij het Verdrag en daarna voor elke overblijvende Verdragspartij op de datum van haar aanvaarding der wijzigingen.
Artikel VI
Artikel VI
Onderdeel van Verdrag tot verbod van de plaatsing van kernwapens en andere wapens voor massale vernietiging op de zeebedding en de oceaanbodem en in de ondergrond daarvan· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 14 januari 1976