Naar hoofdinhoud

DEEL I

Artikel 10

Verdragen die voorzien in deelneming door een Opvolgerstaat

Onderdeel van Verdrag van Wenen inzake Statenopvolging met betrekking tot verdragen· Internationaal publiekrecht

1. Wanneer een verdrag bepaalt dat, in het geval van statenopvolging, een Opvolgerstaat de mogelijkheid heeft zich partij bij het verdrag te beschouwen, kan deze Staat kennis geven van zijn opvolging met betrekking tot het verdrag in overeenstemming met de bepalingen van dat verdrag of, indien dergelijke bepalingen ontbreken, in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag. 2. Indien een verdrag bepaalt dat, in het geval van statenopvolging, een Opvolgerstaat geacht wordt partij te zijn bij het verdrag, wordt deze bepaling alleen als zodanig van kracht, indien de Opvolgerstaat uitdrukkelijk schriftelijk aanvaardt als zodanig te worden beschouwd. 3. In de gevallen vallend onder het eerste of tweede lid wordt een Opvolgerstaat die zijn instemming vastlegt partij bij het verdrag te zijn, geacht partij bij het verdrag te zijn met ingang van de datum van statenopvolging, tenzij in het verdrag anders wordt bepaald of anders is overeengekomen.

Rechtspraak bij dit artikel