De oprichting van een Gemeenschappelijke Onderneming geschiedt ingevolge besluit van de Raad.
Iedere Gemeenschappelijke Onderneming bezit rechtspersoonlijkheid.
In elke Lid-Staat heeft de Gemeenschappelijke Onderneming de ruimste handelingsbevoegdheid welke door de onderscheidene nationale wetgevingen aan rechtspersonen wordt toegekend; zij kan met name roerende en onroerende goederen verkrijgen en vervreemden en in rechte optreden.
Voor zover in dit Verdrag of in haar statuten niet anders is bepaald, valt elke Gemeenschappelijke Onderneming onder de voorschriften, welke van toepassing zijn op handels- en industriële ondernemingen; de statuten kunnen subsidiair verwijzen naar de nationale wetgevingen der Lid-Staten.
Onder voorbehoud van de krachtens dit Verdrag aan het Hof van Justitie van de Europese Unie verleende bevoegdheden worden de geschillen, waarbij de Gemeenschappelijke Ondernemingen betrokken zijn, door de bevoegde nationale rechterlijke instanties beslecht.
TITEL TWEEDE › HOOFDSTUK V
Artikel 49
Artikel 49
Onderdeel van Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (EURATOM)· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 december 2009